Doorgaan naar hoofdinhoud subline-curl

Ilana uit Afghanistan: ‘Help me de moed niet te verliezen’

Ze woonde in Afghanistan, maar moest op de vlucht voor het geweld in haar land. Ilana (18) woont nu met haar familie op Lesbos. Alle onzekerheid maakt haar gek, hun asielaanvraag is al drie keer afgewezen. Terugkeren is geen optie. Maar wat dan? “Ik hoop dat ik ooit als mens wordt gezien, en niet alleen als vluchteling.”

“Ik kom uit Afghanistan. Over 2 maanden hoop ik 18 jaar te worden. Maar ik zie er tegenop om volwassen te worden. Ik ben bang dat mijn dromen nooit uit zullen komen, alleen maar omdat ik in het verkeerde land geboren ben en omdat ik niet welkom ben in Griekenland waar we naartoe gevlucht zijn. 

Nooit zonder angst

Afghanistan is een prachtig land met mooie bergen. Maar al ruim 40 jaar is daar oorlog. Het is een land waar dromen nooit uitkomen. Een land waarin je nooit zonder angst in slaap valt. Een land waar door oorlog, onveiligheid en kwaadwillende mensen moeders altijd huilen en vaders altijd droevig zijn. Er gaat geen nacht voorbij zonder het geluid van geweerschoten en ontploffingen. En er gaat geen dag voorbij zonder dat er een kind omkomt. Vier jaar geleden voelden mijn ouders zich gedwongen om ons land te verlaten. We verlieten ons huis op zoek naar veiligheid en vrijheid, een plek waar wij als kinderen zonder angst zouden kunnen leven. Vanaf toen waren we vluchtelingen.

Een grote nachtmerrie

We verlieten Afghanistan voor een reis vol moeilijkheden, uitdagingen en gevaren. Een reis waarbij we onderweg nooit wisten of we het wel zouden overleven. We liepen uren en uren zonder eten en water. We liepen door de bergen, die ineens niet meer mooi waren. Ze maakten me bang als ik er naar keek. Ik was onderweg zo bang. Bang voor de enorme bergen, voor de kou, voor het donker, de honger, de zwarte zee, de politie en het geluid van hun geweren… Onze vlucht was één grote nachtmerrie. Vooral als we de grenzen van landen passeerden. Je zult nooit begrijpen hoe rot ik me voelde, hoe intens verdrietig en moe. Dat zul je nooit kunnen begrijpen…

Drie jaar geleden kwamen we in Griekenland aan op het eiland Lesbos. Ik was zo ontzettend blij. Ik dacht: nu kan ik mijn dromen gaan vervullen. Maar dat viel hard tegen. Het was heel anders dan ik verwacht had. Ik kwam er achter dat ik in een tent moest gaan wonen maandenlang, nee zelfs jarenlang. Ik zie iedere dag duizenden mensen die als beesten samengepakt zitten op elkaar, in de meest akelige onmenselijke situatie. Soms is er geen eten, soms geen water, soms geen plek om te slapen. Soms is het verstikkend heet en dan weer zo koud dat het bloed in je lichaam lijkt te bevriezen.

Te veel vluchtelingen

Ondanks alle ellende die ik meemaak in het vluchtelingenkamp, blijf ik overeind. Ik ben moe maar geef niet op. Ik blijf hopen dat het ooit beter gaat met ons. Hier op Lesbos ga ik naar de middelbare school. Wiskunde is mijn favoriete vak, maar ik krijg ook Engels en Grieks. In mijn vrije tijd teken en voetbal ik graag. Ik vind het leven hier niet makkelijk. De inwoners van Lesbos zijn ons soms zat, omdat ze vinden dat hier te veel vluchtelingen zijn. Ik merk dan dat we niet welkom zijn. In het kamp heb ik gelukkig vrienden en er zijn ook Griekse mensen die ons hulp bieden. Ik wil niet alleen als vluchteling worden gezien, maar ook als mens. 

Je huiswerk maken in een kleine tent met zes andere mensen is niet makkelijk. Ik ben het zo zat. Maar het lukt me toch. Ik geef niet op. Ik heb deze zomer VWO5 afgemaakt. Dit jaar is dus mijn laatste jaar, mijn examenjaar. Ik hoop zó dat ik die kan afmaken, maar dat blijft allemaal erg onzeker. Het is mijn grote droom om verder te leren op de universiteit, iets wat in mijn eigen land Afghanistan niet mogelijk is voor mij als meisje. Ik werk heel erg hard voor dat grote doel. Ik wil me niet laten ontmoedigen, want dan lukt het leren niet meer.

Afwijzing na afwijzing

Ik heb dromen zoals zoveel meisjes. Veel geld of een duur huis hoef ik niet, als ik maar bij mijn familie kan zijn en niet jong hoef te trouwen. Ik wil graag mensen helpen als dokter of lerares of me inzetten voor vrede. Maar mijn zorgen hangen als donkere wolken daarboven: hoe kan ik ooit naar een universiteit? Hoe kan ik studeren in een tent? Hoe kan ik rust vinden om te leren met onze problemen iedere dag? Alle onzekerheden maken me gek. Mijn broers zijn ziek, maar we mogen niet naar het vasteland voor behandeling. Ons asielverzoek is voor de derde keer afgewezen. Ze denken dat Afghanistan veilig genoeg is om naar terug te gaan. Ik snap dat niet.

Jullie kunnen niet begrijpen hoe moeilijk het is om je broertjes, zusje en ouders in zo’n nare situatie te zien. Dat je niets kan doen om hen te helpen. Jullie voelen mijn pijn niet als ik mijn moeder zie huilen om ons. Mijn moeder beseft dat onze toekomst misschien niet in Europa ligt, maar dat we weer terug moeten naar Afghanistan. Als ik ‘s nachts besef dat ik mijn dromen niet kan waarmaken moet ik huilen. Ik snap niet waarom we niet welkom zijn. Als het kon zouden we echt wel terug willen naar Afghanistan. Maar dat kan niet vanwege de oorlog en omdat we niet naar school kunnen. Jullie snappen vast niet hoe ik mijn land ondanks dit alles mis. 

Vergeet ons niet

Ik wens dat er ooit overal vrede is, zodat iedereen terug kan naar zijn eigen land. Dat er geen oorlog meer is, dat ouders hun kinderen niet meer verliezen. Ik hoop dat ik ooit naar de universiteit kan. Ik hoef niet rijk te worden. Ik wil me inzetten voor vrede. Tegen mensen in Nederland wil ik zeggen: vergeet ons niet! Blijf voor ons opkomen. Wij zijn hier nog steeds en we zijn zo moe. Begrijp alsjeblieft dat wij mensen zijn zoals jullie, niet ‘vluchtelingen’: meisjes die naar school willen; jongens die willen voetballen; kinderen die op een schone veilige plek willen spelen; ouders die dromen dat hun kinderen gelukkig zijn. Help ons de hoop niet te verliezen. Vergeet ons niet!"

Lees ook het verhaal van Ibrahim uit Syrië:

Over dit project

Natte tenten, onvoldoende sanitair en te weinig eten. Zo wachten duizenden vluchtelingen, waaronder veel kinderen, in Griekse vluchtelingenkampen. Ze zijn hier aangekomen uit landen als Afghanistan, Syrië, Congo en Ethiopië, op zoek naar warmte, veiligheid en een betere toekomst. Is dit de plek waar ze eindigen? Hun situatie is urgenter dan ooit. Kerk in Actie werkt in Griekenland samen met 3 partnerorganisaties. Samen geloven we dat vluchtelingen recht hebben op een beter leven. We helpen met voedsel, kleding en onderwijs en proberen hen op een betere plek te krijgen. Ook investeren we in de landen van herkomst in een beter leven voor kinderen.

Andere verhalen

Uit dit project

Blijf op de hoogte van Opvang voor gestrande vluchtelingen