Doorgaan naar hoofdinhoud subline-curl

Kappersvak feest van hoop voor Monica

Monica (22) woont met haar familie in een afgelegen dorp in het droge noorden van Ghana. Geen makkelijke plek om aan werk te komen en een bestaan op te bouwen. Monica was een van de 40 jongeren die eind 2019 de kans kreeg om een praktisch vak te leren. December 2020 wist ze ondanks corona af te studeren. Een feest van hoop, waardoor Monica vooruit kan in haar leven.

Niet altijd genoeg te eten

Monica’s ouders zijn boeren: ze verbouwen maïs en rijst. Toch is er thuis niet altijd genoeg te eten. Vooral in het droge seizoen is dat lastig, maar ook in het regenseizoen kan het misgaan. Als er te veel regen valt, rot de maïs weg. Haar ouders hebben met acht kinderen veel monden te voeden. Monica’s oudste twee zussen van 25 en 26 zijn inmiddels getrouwd en wonen op zichzelf. Haar zus van 24 verdient de kost met de verkoop van medicijnen. Na Monica komen nog vier broers van 21, 19, 9 en 4 jaar oud.

Eindjes aan elkaar knopen voor onderwijs

Het basisonderwijs en middelbaar onderwijs zijn gratis in Ghana. Toch brengen schoolgaande kinderen voor een arm gezin veel kosten met zich mee: schoenen, een schooluniform, schoolmaterialen. Monica’s ouders zijn afhankelijk van de verkoop van hun oogst om dat te betalen. Als er niet genoeg rijst is, koopt haar moeder rijst op de markt, laat het malen en verkoopt het dan weer met wat winst. Zo knoopt men de eindjes aan elkaar.

Monica leerde kappersvak

Toen Monica de middelbare school had afgemaakt was er geen geld om verder te leren. Daarom is ze reuze blij met de kans die ze via de kerk kreeg. Ze volgde eerst een basistraining van drie weken over ondernemen. Daarna kon ze bij een ervaren kapster in de leer om het vak in de praktijk te leren. Ze moest nog een eigen bijdrage van 300 cedi (=43 euro) aan de kapster betalen. Haar ouders hielpen haar om dat bij elkaar te krijgen. 

Geen drinkwater thuis

Er is geen stromend water bij het huis en erf van Monica. Daarom staat ze 's ochtends om 5 uur op om water te halen bij de dam en zichzelf te wassen. Toen ze het kappersvak leerde, vertrok ze vijf dagen per week om kwart over 6 naar de kapster in de grote stad Tamale. Als ze geluk had kreeg ze een lift en was ze er om 7 uur. Op andere dagen duurde het een uur langer.

Minder verkoop door corona

De corona-pandemie heeft vooral veel negatieve effecten gehad op de verkoop van hun rijst. Door de lockdown en alle maatregelen konden ze veel minder oogst verkopen dan daarvoor. Monica haalt veel kracht uit de Bijbel. Hun gezin is christelijk, maar de familieleden van zowel vaders- als moederszijde zijn moslims. “Ik probeer een goed voorbeeld voor mijn familie te zijn en bid God dat ze christen zullen worden.” 

Feest van hoop

Nu Monica sinds een paar maanden klaar is met de opleiding helpt ze haar ouders weer op het land en in het huishouden. Ze knipt en kapt familie, vrienden en dorpsgenoten. Soms heeft de kapster uit Tamale een klus voor haar. Zo spaart ze langzaam geld voor een eigen kapsalon. “Ik bid God dat Hij me met een goede man laat trouwen. Dan verhuis ik naar hem toe en wil ik daar mijn eigen kapsalon starten. Ik wil vier lieve kinderen, die ik dan naar school kan laten gaan.”

Zo is de vaktraining een feest van hoop voor Monica. Dank u wel voor uw bijdrage voor dit werk. Help de kerk in Noord-Ghana om meer jongeren zo’n kans op werk te bieden.
kerkinactie.nl/kerknoordghana

Foto's: Richard Dassah, Ghana

Over dit project

Ghana is een overwegend christelijk land, maar in het noorden vormen christenen een minderheid. Daarom is het belangrijk dat de kerk hier goede leiders heeft, die niet alleen veel bijbelkennis hebben, maar ook investeren in de dialoog tussen christenen en moslims. Het opleidingscentrum van de Presbyteriaanse Kerk leidt voorgangers, kerkelijk werkers en jeugdleiders hiervoor op. Daarnaast worden jongeren opgeleid voor een praktisch vak en leren analfabeten lezen en schrijven in hun eigen dorp.

Andere verhalen

Uit dit project

Blijf op de hoogte van Een sterke kerk op een kwetsbare plek